blogs


Het hart op de tong

We zitten in de tuin bij de Duitse C, die ik van de kerk ken. De tafel voor ons is vrolijk gedekt met een lopertje van wit kant. Later blijkt het van plastic te zijn maar dat is voor het oog niet te zien. ‘Beeldig’ zou mijn moeder hebben gezegd met betrekking tot het lopertje. Ik draag trouwens een bloesje dat van haar is geweest. Het is een lichtblauw bakkersruitje en heeft kleine geborduurde bloemen langs rand van de mouw. Ook al beeldig dus.

Links van mij zit de Nederlandse L. Zij is de buurvrouw van C. We zijn allemaal dames van een bepaalde leeftijd, al zie ik er minstens 10 jaar jonger uit volgens de charmante L. C heeft de ontmoeting georganiseerd omdat ze wel aanvoelde hoe fijn het voor mij zou zijn om eens een landgenote te ontmoeten, die ook met een Duitse man is getrouwd. Al is dat huwelijk 20 keer zo oud als het onze en spreekt L vloeiend Duits, waar ik nog naar woorden zoek.

Gastvrij

C is een warme gastvrouw, die ons verwent  met zelfgebakken scones en jam. Daarnaast is er verse meloen en drinken we koffie. Ik ben me bewust dat dit de eerste keer is dat ik zo met een paar andere vrouwen genoeglijk zit te babbelen. Met Norbert heb ik een keer bij een echtpaar uit de kerk gegeten maar zoiets vriendinnen-achtigs is een nieuw fenomeen onder de Duitse zon.

Luisterend naar L valt me iets op. Iets grappigs dat ik herken. Het is een openhartigheid die ik onder Duitsers nog niet zo heb meegemaakt. Zou dit nu typisch Nederlands zijn, vraag ik me af. L heeft het hart op de tong op een heerlijke manier. Ze zegt dingen die ik tot nog toe alleen stiekem dacht. Stiekem omdat ik anders teveel van mezelf laat zien en ik weet nog niet bij wie dat kan hier. Ik zal het niet opschrijven want het is natuurlijk in vertrouwen verteld.

Generaliseren

Ik heb altijd een beetje moeite met het generaliseren van mensen uit land zus of zo. Dus om nu te zeggen dat Duitsers gereserveerd zijn lijkt me niet correct maar over het algemeen laten ze toch iets minder snel het achterste van hun tong zien. Hoewel ik me kan voorstellen dat het onder intieme vrienden anders gaat. Er is ook een verschil tussen mensen uit een club. Zowel bij de lieve kerkluitjes als de zeil-luitjes wordt er bijvoorbeeld gewoon ‘je’ en ‘jij’ gebruikt. Daarbuiten is het verstandig te ‘Siezen’ dwz Sie/U als aanspreekvorm. Hoewel dat wel wat afstandelijker overkomt.

Sinds ik hier woon ben ik het echter gaan waarderen want het is niet afstandelijk bedoeld. Het is beleefd en daar ben ik gevoelig voor. Van mijn moeder heb ik naast lieve bloesjes namelijk ook het beleefdheidsgen geërfd. Dat heeft mij dikwijls verhindert gewoon eens lekker assertief te zijn. Behalve in partnerrelaties; daar ben ik pittig. Maar onder vreemden kan ik zo vormelijk keurig doen dat ik zelf wel eens denk: ‘Nou Anne, dat hoeft nu ook weer niet’. Het zit erin gebakken lijkt het wel.

In die zin pas ik prima tussen de beleefdere Duitsers. Toch voelt het openhartige van L heel vertrouwd voor mij. Ken ik dit immers niet vanuit de omgang met mijn vriendinnen? Dat ook je geheime gedachten veilig zijn? Ik merk dat het aanstekelijk werkt. C vertelt ook iets persoonlijks nu. En ik? Durf ik me er al aan te wagen. Nee, ik wacht tot een volgende keer. Ik hoop dat we elkaar nog een keer kunnen treffen want dit is zo gezellig. Ik smeer nog een scone en luister beleefd.

Next page →
← Previous page