bewustwording


Een andere bril

door welke bril kijk jij

door welke bril kijk jij?

 

Het is alsof er altijd een mist om haar heen hangt. Een donkere wolk waar je niet hoog gevoelig voor hoeft te zijn om hem op te merken. En dan die ogen…Mooie ogen, dat wel. Maar ze staan triest. Zelfs als ze lacht, lachen die ogen niet mee. Haar leven draait om haar verdriet, al het mooie ziet ze niet.

Haar daarop wijzen heeft geen zin. De mooie dingen leiden hooguit even af van de ellende. Ze kan het daardoor heel even vergeten. Maar erin opgaan en genieten. Dat is teveel gevraagd. Ze draagt haar verdriet als een mantel om haar schouders. Haar leed is erger dan dat van de anderen. Daarom wil ze dat haar omgeving zijn medelijden uit. Dat iedereen meezingt in haar klaagzang. Want lijden in stilte past haar niet.

klagen

“Wat erg voor jou” wil ze horen en uitnodigen om mee te eten want ze zit teveel alleen. Zien ze niet hoe eenzaam ze is? Oh, dat ziet haar omgeving best en er zijn genoeg mensen die meeleven. Maar haar vrienden zijn het langzaamaan ook een beetje zat. Ze zijn moe van altijd maar geven. Moe van het éénrichtingsverkeer. Gevolg: ze klaagt nog meer! En al klagende en aandacht vragende stoot ze ook de laatste vrienden van zich af.

Zo is haar pijn haar gevangenis geworden. Haar mantel drukt zwaar. Haar ogen staan dof.

stel je voor….

Stel dat ik bij haar op zou komen met een doos vol brillen. We nemen plaats op haar balkon en zij schenkt koffie. Dan kijkt ze naar de doos en zijn inhoud: ‘wat is dat nu?’

–          “Dat zijn brillen.”

‘Dat zie ik. Maar wat moet ik daarmee? Ik heb helemaal geen slechte ogen.’

–          “Nee, dat weet ik wel. Dit zijn ook geen brillen die je ogen letterlijk corrigeren. Dit zijn brillen die je helpen iets anders te bekijken.Kom ga zitten, dan kun ze eens uit proberen. Welke vind je mooi?”

schoonheid

Ze pakt er één met een hemelsblauwe rand en zet hem op haar neus. Ik zie een verandering in haar trieste ogen komen. Haar blik die ze vaak naar beneden heeft gericht, richt zich nu op naar de hemel boven ons.

‘Tjonge’ zegt ze ‘wat is de hemel prachtig blauw’. Ik kijk nu ook en beaam. – “Ja, volgens mij is er geen wolkje aan de lucht vandaag”

‘En dan de bomen’ vervolgt ze ‘dat groen van de lente is toch echt heel fris’. Een kleine glimlach speelt rond haar lippen. De hemelsblauwe bril helpt haar zien hoe mooi de natuur is. Een hele goede bril om op te doen wanneer je een wandeling gaat maken bijvoorbeeld.

empathie

-“Misschien wil je deze proberen?” Ik reik haar een roze bril aan. ‘Oh, die is ook mooi…’ Ze zet de blauwe bril af om de roze op te zetten. Hij staat haar goed.

‘Wat leuk dat je langs komt vandaag’ zegt ze vergenoegd. In haar ogen verschijnt een warme blik. Een blik van waardering. Ik kijk blij terug. ‘Je hebt trouwens mooie ogen’ vervolgt ze complimenteus. Ik val bijna van mijn stoel en verslik me in de koffie.  “uche…uche…nou eh..dank je.” Ik ben niet gewend ook echt door haar gezien te worden. Maar de roze bril verzacht de blik naar de medemens en hij werkt als medicijn bij een verbitterd hart.

zelfinzicht

“Ik heb er nog één” mompel ik verlegen met het compliment en rommel door de doos met brillen. Ik zoek de paarse bril. Ik heb hem bewust bewaard want deze bril is sterk en je moet echt wennen aan het heldere zicht.

Ze zet hem op en ik zie haar schrikken. “Wat zie je?” vraag ik.

‘Och meis’ zegt ze zacht. ‘Ik geloof dat ik het jou en mijn andere vriendinnen echt moeilijk heb gemaakt de afgelopen jaren. Het spijt me dat ik me zo door mijn verdriet heb laten bepalen en er helemaal niet voor jou ben geweest.’ Ik slik: “Geeft niet. Je had het toch ook moeilijk”. Ik omhels haar en voel de ontferming, die ik aan het verliezen was. Wat een andere bril al niet met een mens kan doen….

 

Next page →